pmv:Naar inhoud

Voorwaarden

Wie komt in aanmerking?

Uw onderneming moet Vlaams zijn. Dat is een onderneming met een exploitatiezetel in het Vlaamse Gewest.

 

Welk type van project komt in aanmerking?

Het Fonds Vlaanderen-Internationaal financiert

  • nieuwe buitenlandse investeringsprojecten (greenfields)
  • de uitbreiding van bestaande projecten
  • de overname van een bestaande entiteit in het buitenland
  • de oprichting van nieuwe 100 % dochterondernemingen
  • joint ventures met lokale partners

Het FVI investeert zowel in de industriële als in de dienstensector.
Het FVI investeert niet in het louter opzetten van buitenlandse verkoopkantoren.

 

Welke regio’s komen in aanmerking?

Het Fonds Vlaanderen-Internationaal investeert in principe wereldwijd. Toch heeft het FVI een zekere voorkeur voor de groeiregio’s of opkomende markten in Azië, Centraal- en Oost-Europa en Latijns Amerika.

 

Wordt Vlaanderen beter van deze investeringen?

Het Fonds Vlaanderen-Internationaal investeert in projecten die de Vlaamse exploitatiezetel van uw onderneming versterken of doen groeien. Het mag in geen geval gaan om de delokalisatie van uw onderneming. Daarmee bedoelt men de overheveling naar een gastland van de hele productie of van een schakel uit de productie- of dienstenketen met een stopzetting of vermindering van de activiteiten of tewerkstelling in Vlaanderen tot gevolg.

Het FVI geeft wel een brede interpretatie aan het begrip “groei”. Het gaat onder meer om indicatoren als omzet, toegevoegde waarde, winst, tewerkstelling en investeringen. Bovendien wordt de totale groei van uw onderneming – dus inclusief de groei van exploitatiezetels die niet in Vlaanderen liggen – in beschouwing genomen. De totale groei draagt immers meestal bij tot de versterking van de Vlaamse exploitatiezetel.

 

Moet u duurzaam en ethisch ondernemen?

Het Fonds Vlaanderen-Internationaal streeft naar blijvende positieve resultaten. Een investering moet ook na de tussenkomst van het FVI op eigen kracht verder kunnen.

Projecten worden ook getoetst op hun ethisch karakter. Kinderarbeid, schendingen van de mensenrechten en van het milieu worden niet getolereerd.

 

Onder welke vormen kan het FVI investeren?

Het Fonds Vlaanderen-Internationaal investeert altijd samen met een andere financiële instelling. Dat kan een commerciële bank zijn of, bijvoorbeeld, de Belgische Maatschappij voor Internationale Investeringen (BMI). Zij opereren tegen marktconforme voorwaarden en houden rekening met de specifieke risico’s die zijn verbonden aan de aard van de tussenkomst.

De investeringen van het FVI zijn risicodragend. Het fonds streeft dan ook naar meerwaarden of (gedeeltelijke) variabele interestvoeten. De tussenkomsten gebeuren in principe op het niveau van de buitenlandse entiteit zonder garanties vanwege de Vlaamse moedermaatschappij (behalve de contractueel bedongen terugkoopopties). Mogelijke achtergestelde leningen op het niveau van de Vlaamse moedermaatschappij, die worden gebruikt voor de financiering van de buitenlandse entiteit, vormen hierop een uitzondering.

 

Hoeveel kan het FVI investeren?

Het Fonds Vlaanderen-Internationaal kan per project maximum één miljoen euro investeren.

 

Wat is de looptijd van een investering?

De tussenkomsten van het Fonds Vlaanderen-Internationaal zijn tijdelijk.

Leningen hebben een gemiddelde gratieperiode van twee tot drie jaar en vervolgens een in de tijd gespreide terugbetaling die gemiddeld vier tot vijf jaar bedraagt. De looptijd houdt uiteraard rekening met de relevante parameters van het investeringsproject.

Kapitaalparticipaties voorzien een uitstap tijdens de maturiteitsfase van het project. Dat is gemiddeld na vijf tot tien jaar en kan onder meer gebeuren via put and call-opties naar de Vlaamse onderneming toe.

 

Welk rendement wordt verwacht?

Het Fonds Vlaanderen-Internationaal werkt marktconform. Het verstrekt geen subsidies. De rendementsdoelstellingen stemmen overeen met het risicoprofiel van het project.

 

Hoe werken het FVI en de BMI samen?

1. nieuwe dossiers aantrekken

Het FVI en BMI informeren elkaar over alle investeringsopportuniteiten die zij krijgen aangeboden en die – op basis van vastgelegde criteria – behoren tot de doelgroep van de andere partij.

Het FVI en BMI nemen gezamenlijk deel of vertegenwoordigen elkaar op informatiesessies over internationaal ondernemen, exportbeurzen, prospectiereizen, enz.

2. analyses, investeringsbeslissingen en opstellen van juridische documenten

Het Fonds Vlaanderen-Internationaal en BMI kunnen elk beslissen om een eigen analyse uit te voeren van de projecten die binnen hun investeringscriteria vallen. Als één van de partijen geen eigen analyse uitvoert, kan zij het analyseverslag en de aanbevelingen van de andere partij inkijken.

Als slechts één der partijen een dossier goedkeurt, kan zij beslissen om het dossier alleen verder te zetten. Als beide partijen een dossier goedkeuren, zullen het FVI en BMI de investeringsbedragen vastleggen in onderling overleg. Bij gezamenlijke investeringen verlopen de voorwaarden van de transacties met de klant altijd volgens het pari passu-principe.

Het FVI en BMI stellen de nodige juridische documenten op in onderling overleg en samen met de betrokken Vlaamse onderneming. Beide partijen coördineren hun actie op het moment van de storting van de fondsen.

3. investeringen opvolgen

Wanneer het Fonds Vlaanderen-Internationaal en de BMI samen investeren, gebeurt de opvolging van het dossier door slechts één van beide partijen. De toewijzing gebeurt in onderling overleg en dossier per dossier.

De partij die het dossier opvolgt, geeft naar beide partijen de aanzet tot desinvestering en exit. Dat gebeurt steeds volgens de contractuele afspraken die werden gemaakt met de betrokken Vlaamse onderneming. Desinvesteringen en exits gebeuren – net als de investeringen – volgens het pari passu-principe.

De partij die het dossier opvolgt, informeert de andere partij regelmatig over de evolutie van het project. Dat gebeurt via opvolgingsvergaderingen en –rapporten, missieverslagen en viermaandelijkse vooruitgangsrapporten.

De standaardopvolging bestaat uit zeer regelmatige contacten met de betrokken Vlaamse onderneming en jaarlijks minstens één evaluatiebezoek ter plaatse. Het FVI of de BMI nemen in principe ook een bestuurdersmandaat op in de lokale vennootschap.

 

U wenst meer informatie?

Kristy Gevers
Investeringsmanager | FVI
Oude Graanmarkt 63
B-1000 Brussel
T: +32 (0)2 229 52 30
F: +32 (0)2 229 52 31